ECLI:NL:RVS:2021:2977
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 30 juli 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit van de staatssecretaris, wees de aanvraag alsnog af en bepaalde dat haar uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit. De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en dat hij opvang en verstrekkingen moet ontvangen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, welke geheel toe te rekenen zijn aan beroepsmatige rechtsbijstand door een derde.
Deze voorlopige voorziening is gebaseerd op eerdere jurisprudentie en is bedoeld om de positie van de vreemdeling te beschermen tijdens de behandeling van het hoger beroep. De uitspraak werd gedaan op 24 december 2021 door de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.