ECLI:NL:RVS:2021:344
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- E. Steendijk
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing van afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering over bescherming in Algerije
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 6 mei 2020 de aanvraag van de vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond op 16 juli 2020. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de staatssecretaris terecht aannam dat de Algerijnse autoriteiten bescherming bieden tegen problemen vanwege de bekering tot het christendom. De vreemdeling had aangevoerd dat de herbeoordeling van Algerije als veilig land van herkomst uit 2018 niet meer actueel is vanwege toegenomen geweld en onderdrukking van christenen.
De Afdeling wees op een hernieuwde beoordeling van de staatssecretaris in september 2020, waarin niet-moslims vanwege geloofsproblemen werden uitgezonderd van de veilige landen aanwijzing. De staatssecretaris moet daarom opnieuw motiveren waarom de vreemdeling bij terugkeer bescherming kan krijgen.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en wees de zaak terug voor herbehandeling, waarbij het oordeel van de Afdeling in acht moet worden genomen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling met vergoeding van proceskosten.