ECLI:NL:RVS:2021:347
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- E. Steendijk
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en terugwijzing zaak over afwijzing verblijfsvergunning asiel voor christen uit Algerije
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 31 augustus 2020 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de door de vreemdeling aangevoerde informatie over de verslechterde positie van christenen in Algerije niet tot een ander oordeel leidt. De rechtbank had niet inhoudelijk getoetst of de staatssecretaris terecht had geoordeeld dat Algerije een veilig land van herkomst is, ook voor de vreemdeling persoonlijk.
Daarnaast wees de Afdeling erop dat de staatssecretaris op 30 september 2020 de aanwijzing van Algerije als veilig land van herkomst had herbeoordeeld en niet-moslims had uitgezonderd van deze aanwijzing. De staatssecretaris moet nu uitleggen welke gevolgen deze uitzondering heeft en opnieuw motiveren waarom de vreemdeling als christen bij terugkeer bescherming kan krijgen.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en wees de zaak terug voor nieuwe behandeling, waarbij het oordeel van de Afdeling in acht moet worden genomen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbeoordeling.