ECLI:NL:RVS:2021:656
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.D.M. van Diepenbeek
- E. Steendijk
- W. den Ouden
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen besluit hogere waarden geluidhinder bij uitbreiding Grijpskerk
Het college van burgemeester en wethouders van Westerkwartier nam op 14 januari 2020 een besluit tot vaststelling van hogere waarden geluidhinder voor 13 toekomstige woningen in het kader van de uitbreiding van de kern Grijpskerk. Dit besluit was gericht op de vaststelling van het bestemmingsplan 'Grijpskerk uitbreiding oost', waarin 25 woningen worden gerealiseerd.
Appellant, wonend op circa 15 meter van het plangebied, maakte bezwaar tegen de mogelijke geluidhinder van de provinciale wegen N355 en N388, stellende dat de woningen niet aan de binnenwaarden kunnen voldoen, mede omdat bewoners soms ramen en deuren open zullen hebben. Het college betoogde dat appellant geen belang heeft bij de bescherming van de toekomstige bewoners, omdat deze normen uitsluitend die bewoners beschermen.
De Afdeling bestuursrechtspraak overweegt dat op grond van artikel 8:69a Awb een besluit niet vernietigd kan worden op grond van een rechtsregel die niet strekt tot bescherming van het belang van de appellant. De hogere waarden regeling in de Wet geluidhinder is bedoeld ter bescherming van toekomstige bewoners binnen de zone langs wegen. Aangezien appellant op circa 30 meter afstand woont en geen concrete interesse in koop of bewoning van de woningen heeft, ontbreekt het aan belang.
Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 31 maart 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit hogere waarden geluidhinder wordt ongegrond verklaard wegens gebrek aan belang.