ECLI:NL:RVS:2021:687
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit locatie ondergrondse restafvalcontainer Robert Schumannstraat Utrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht wees locaties aan voor ondergrondse restafvalcontainers (ORAC's) in de wijk West, waaronder locatie 18 aan de Robert Schumannstraat. Appellanten, bewoners nabij deze locatie, maakten bezwaar vanwege vrees voor aantasting van woon- en leefklimaat. Het college wees de bezwaren ongegrond en handhaafde het besluit.
De Raad van State oordeelde dat het college de bezwaarmakers ten onrechte niet heeft gehoord tijdens de bezwaarprocedure, wat een schending van artikel 7:2 Awb Pro inhoudt. Dit is een formeel gebrek dat niet kan worden gepasseerd omdat niet is uitgesloten dat het college anders had beslist indien appellanten waren gehoord.
Daarnaast concludeerde de Afdeling dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de definitieve locatie aan de Robert Schumannstraat geschikter is dan de oorspronkelijke locatie uit het voornemen. De bezwaren over overlast en locatiebelasting faalden, maar de motivering over de locatiekeuze was onvoldoende.
De beroepen worden gegrond verklaard, de besluiten vernietigd en het college opgedragen binnen 12 weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens is een voorlopige voorziening getroffen en is het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De beroepen worden gegrond verklaard en de besluiten vernietigd wegens schending van de hoorplicht en onvoldoende motivering van de locatiekeuze.