ECLI:NL:RVS:2021:717
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- N. Verheij
- J. Gundelach
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verlenging begunstigingstermijn bij handhaving opslag avi-bodemassen
Het college van gedeputeerde staten van Drenthe legde op 6 februari 2018 aan [appellante] en anderen een last onder dwangsom op wegens het opslaan van meer dan 8.000 ton avi-bodemassen, in strijd met de vergunning. De begunstigingstermijn van vijf weken om de overtreding te herstellen werd door het college niet verlengd, ondanks een verzoek daartoe. De rechtbank verklaarde de beroepen van [appellante] en anderen ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat de begunstigingstermijn van vijf weken niet onredelijk is, maar gezien de omstandigheden rondom vergunningverlening, administratieve en logistieke voorbereidingen en vervoersproblemen, was verlenging met minstens twee weken redelijk en noodzakelijk. Het college had het verzoek om verlenging ten onrechte afgewezen.
De Afdeling vernietigt de eerdere uitspraak en de besluiten van het college die dwangsommen invorderden, omdat op het moment van invordering nog niet aan de last was voldaan binnen een redelijke termijn. Tevens wordt het verzoek om verlenging van de begunstigingstermijn toegewezen. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de begunstigingstermijn wordt met twee weken verlengd en de besluiten tot invordering van dwangsommen worden vernietigd.