ECLI:NL:RVS:2021:907
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en afwijzing schadevergoeding na ongeldigverklaring rijbewijs door CBR
Bij besluit van 19 april 2018 verklaarde het CBR het rijbewijs van appellant ongeldig wegens niet-meewerken aan de Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer (EMA). De rechtbank Gelderland vernietigde het besluit van het CBR dat het bezwaar ongegrond verklaarde en beval een nieuw besluit. Het CBR herroept vervolgens het ongeldigverklaringsbesluit bij besluit van 23 augustus 2019.
Appellant stelt dat hij schade heeft geleden door de ongeldigverklaring van zijn rijbewijs en vordert vergoeding hiervan. De Afdeling bestuursrechtspraak beoordeelt het hoger beroep en het verzoek om schadevergoeding. Zij oordeelt dat het CBR het gebrek in de besluitvorming heeft hersteld en dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij door het besluit schade heeft geleden die toerekenbaar is aan het CBR-besluit.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover deze niet op het verzoek om schadevergoeding besliste, wijst het verzoek om schadevergoeding af en verklaart het beroep tegen het herroepingsbesluit van het CBR ongegrond. Tevens wordt opgemerkt dat appellant geen griffierechten hoeft te worden vergoed omdat hij hiervan is vrijgesteld.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen en het beroep tegen het herroepingsbesluit van het CBR wordt ongegrond verklaard.