ECLI:NL:RVS:2021:962
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit CBR over alcoholonderzoek na vrijspraak bestuurder
Appellant werd op 31 oktober 2017 aangehouden wegens rijden onder invloed van alcohol en verplicht mee te werken aan een alcoholonderzoek door het CBR. Het CBR baseerde dit op een politierapport en verklaarde het rijbewijs ongeldig wegens alcoholmisbruik. Appellant maakte aanvankelijk geen bezwaar, maar werd later in de strafzaak vrijgesproken omdat hij niet de bestuurder was.
Appellant verzocht het CBR om herziening van het besluit, maar dit werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de vrijspraak geen nieuw feit vormde dat het bestuursrechtelijke besluit kon wijzigen.
De Raad van State oordeelt echter dat het CBR niet langer mocht uitgaan van de juistheid van het politierapport, nu de strafrechter vrijspraak heeft uitgesproken op basis van nieuw bewijs dat appellant niet de bestuurder was. De Afdeling vernietigt daarom het besluit van het CBR en beveelt een nieuw besluit waarbij alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is. Tevens worden proceskosten en griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het besluit van het CBR wordt vernietigd en het beroep van appellant wordt gegrond verklaard.