ECLI:NL:RVS:2022:104
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en toekenning opvang aan vreemdeling in hoger beroep
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 26 november 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank Den Haag verklaarde het daarop ingestelde beroep door de vreemdeling op 7 januari 2022 ongegrond. De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter overwoog dat gelet op de aangevoerde omstandigheden en eerdere jurisprudentie een voorlopige voorziening passend is. De vreemdeling mag niet worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt en heeft recht op opvang en verstrekkingen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 759,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan op 14 januari 2022 door voorzieningenrechter J.Th. Drop in aanwezigheid van griffier R.M. Renting. Hiermee wordt de rechtspositie van de vreemdeling tijdens de procedure versterkt en wordt voorkomen dat onherstelbare gevolgen optreden voordat het hoger beroep is afgerond.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en krijgt recht op opvang en verstrekkingen; de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.