ECLI:NL:RVS:2022:107
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek gebruik bijgebouw als zelfstandige woning in strijd bestemmingsplan
Appellant was eigenaar van een perceel met een woonboerderij en bijgebouwen, waaronder een bijgebouw dat vergunningvrij werd verbouwd tot mantelzorgwoning. Na splitsing van het perceel verkocht appellant het deel met de woonboerderij en mantelzorgwoning aan derden. Appellant verzocht het college handhavend op te treden tegen het gebruik van het bijgebouw als zelfstandige woning, maar dit verzoek werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellant dat het gebruik van het bijgebouw als zelfstandige woning in strijd is met het bestemmingsplan en dat het besluit het evenredigheidsbeginsel en het recht op eigendom schendt. De Afdeling oordeelde dat het bestemmingsplan geen verbod bevat op bewoning van het bijgebouw als zelfstandige woning en dat het besluit daarom terecht is. Verder is het feit dat appellant geen woning kan bouwen op zijn perceel grotendeels eigen schuld vanwege de perceelsplitsing en verkoop.
De Afdeling concludeerde dat er geen sprake is van evidente strijd met hogere regelgeving of schending van het eigendomsrecht. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.