ECLI:NL:RVS:2022:1135
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing urgentieverklaring wegens onvoldoende inspanning woningzoekende
Appellante, wonend met haar twee minderjarige kinderen in een appartement met twee slaapkamers, verzocht om een urgentieverklaring op medische gronden vanwege de gedragsproblemen van haar zoon die een eigen slaapkamer nodig zou hebben.
Het college van burgemeester en wethouders van Almere wees de aanvraag af omdat het woonprobleem opgelost kon worden door het appartement anders in te richten, en appellante niet voldeed aan de voorwaarde dat zij er alles aan had gedaan om het probleem op te lossen. De rechtbank bevestigde deze afwijzing en stelde dat er onvoldoende medische gronden waren om een eigen slaapkamer te eisen.
In hoger beroep betoogde appellante dat medisch advies ontbrak en dat de belangen van haar zoon onvoldoende waren meegewogen. De Raad van State oordeelde dat het college de belangen van het kind voldoende had betrokken en dat de hardheidsclausule niet van toepassing was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van de urgentieverklaring bevestigd.