ECLI:NL:RVS:2022:1157
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Raad van State vernietigt vaststelling bestemmingsplan Kattenhavestraat wegens onvoldoende belangenafweging zichtlijnen
Het college van burgemeester en wethouders van Zutphen stelde op 15 maart 2021 hogere waarden vast voor het bestemmingsplan Kattenhavestraat, waarin vier nieuwe stadswoningen op een hoekperceel worden mogelijk gemaakt. De woning van appellant grenst aan het plangebied. De raad stelde het bestemmingsplan vast op 1 juni 2021. Appellant stelde beroep in tegen beide besluiten.
De Raad van State oordeelt dat de raad onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de maximale bouwhoogte van 13,5 meter in het plan, gelet op de zichtlijnen vanaf de IJsselkade richting de Walburgistoren, een goede ruimtelijke ordening inhoudt. De raad heeft nagelaten een belangenafweging te maken tussen het bouwbelang en het belang van het behoud van cultuurhistorische zichtlijnen. Dit leidt tot strijd met artikel 3:4 en Pro 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), zodat het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan wordt vernietigd.
De overige beroepsgronden, waaronder parkeren, hittestress, geluid, bodem, financiële uitvoerbaarheid en algemene beginselen van behoorlijk bestuur, worden afgewezen. Het beroep tegen het besluit hogere waarden geluidhinder wordt ongegrond verklaard omdat appellant geen afzonderlijke gronden heeft aangevoerd.
De raad krijgt de opdracht binnen 16 weken het gebrek te herstellen door alsnog een belangenafweging te maken en het besluit te motiveren, dan wel een nieuw besluit te nemen. De procedure wordt geschorst tot de einduitspraak over proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit hogere waarden wordt ongegrond verklaard; het bestemmingsplan wordt vernietigd en de raad krijgt opdracht het besluit te herstellen.