ECLI:NL:RVS:2022:1314
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ambtshalve adreswijziging in basisregistratie personen ondanks betwisting woonadres
Het college van burgemeester en wethouders van Deventer wijzigde ambtshalve het woonadres van appellant in de basisregistratie personen (brp) van een woonwagen op locatie A naar een adres B, het woonadres van belanghebbende en hun kinderen. Dit besluit was gebaseerd op onderzoek naar internet- en uitkeringsfraude waaruit bleek dat appellant feitelijk op locatie B verbleef.
Appellant betoogde dat hij tot 15 januari 2019 op locatie A woonde en slechts incidenteel op locatie B verbleef, en dat het college de bevoegdheid tot adreswijziging oneigenlijk gebruikte om zijn woonwagen te kunnen ontruimen. De rechtbank oordeelde echter dat het college in redelijkheid het besluit kon nemen en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij op locatie A woonde.
De Raad van State bevestigt deze uitspraak. Het college baseerde zich op sociale recherche rapporten, verhoren en vondsten van persoonlijke spullen op locatie B. Appellant had de gelegenheid tot hoor en wederhoor niet benut. Er was geen sprake van misbruik van bevoegdheid of schending van het beginsel van hoor en wederhoor. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de ambtshalve adreswijziging bevestigd.