ECLI:NL:RVS:2022:1563
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitvoering rechtbankuitspraak inzake verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde op 9 maart 2022 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd buiten behandeling. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moet nemen.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om uitvoering van de rechtbankuitspraak op te schorten. De voorzieningenrechter oordeelde dat de argumenten van de staatssecretaris nadere bestudering behoeven die niet in de voorlopige voorzieningsprocedure kan plaatsvinden.
Gezien de belangen van beide partijen werd de voorlopige voorziening getroffen, waardoor de staatssecretaris niet hoeft te voldoen aan de uitspraak van de rechtbank totdat het hoger beroep is beslist. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.