ECLI:NL:RVS:2022:1678
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en voor opvang bij afgewezen asielaanvraag
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 24 februari 2021 de aanvragen van de vreemdelingen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 17 mei 2022 de beroepen ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak werd hoger beroep ingesteld bij de Raad van State.
De vreemdelingen verzochten de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, zodat zij niet uitgezet zouden worden voordat het hoger beroep is beslist en om opvang en verstrekkingen te ontvangen. De voorzieningenrechter oordeelde dat gelet op de aangevoerde omstandigheden een voorlopige voorziening passend is, waarbij de vreemdelingen niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is afgerond.
Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdelingen, die geheel toe te rekenen zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan op 14 juni 2022 door voorzieningenrechter J.Th. Drop.
Uitkomst: De vreemdelingen mogen niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.