ECLI:NL:RVS:2022:1803
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asiel
Bij besluit van 11 november 2021 wees de staatssecretaris de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 6 april 2022 ongegrond verklaarde. De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft op 24 juni 2022 besloten dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet voordat het hoger beroep is beslist. Tevens is de staatssecretaris veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van de vreemdeling, die geheel toerekenbaar zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Deze voorlopige voorziening is gebaseerd op de belangenafweging en eerdere jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak. De uitspraak werd gedaan in het openbaar en ondertekend door voorzieningenrechter A.W.M. Bijloos en griffier S. Bechinka.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.