ECLI:NL:RVS:2022:1805
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting in hoger beroep asielzaak
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 14 december 2020 werd afgewezen. Tevens werd ambtshalve geweigerd om uitstel van vertrek te verlenen op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze beslissing op 27 mei 2022 ongegrond. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft op 24 juni 2022 besloten dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt. Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van de vreemdeling, die volledig toerekenbaar zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan in het openbaar en ondertekend door voorzieningenrechter H.G. Sevenster en griffier E.L. Iedema.
Deze voorlopige voorziening biedt de vreemdeling bescherming tegen uitzetting tijdens de procedure en erkent het belang van rechtsbijstand in deze bestuursrechtelijke asielprocedure.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.