ECLI:NL:RVS:2022:1990
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling bestemmingsplan Oostmijzerdijk 9 Schermerhorn
De raad van de gemeente Alkmaar stelde op 8 juli 2021 het bestemmingsplan 'Oostmijzerdijk 9, Schermerhorn' vast, waarin vier woningen worden ontwikkeld op het perceel Oostmijzerdijk 9. Appellant, wonend aan een perceel grenzend aan het plangebied, maakte bezwaar tegen het plan vanwege wijzigingen ten opzichte van het ontwerpplan en de situering van het noordelijke bouwvlak, die zijn uitzicht zouden aantasten.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de aangebrachte wijzigingen in het plan niet zo ingrijpend waren dat de procedure van afdeling 3.4 Awb opnieuw doorlopen moest worden. De afwijkingen betroffen onder meer een draaiing van het noordelijke bouwvlak en een verschuiving van 2,5 meter, maar de opzet van vier woningen bleef ongewijzigd.
Hoewel het bouwvlak dieper in het landschap ligt en het uitzicht van appellant daardoor enigszins verslechtert, is de afstand tot zijn woning ongeveer 35 meter en wordt het uitzicht deels beperkt door bomen. Bovendien bestond in het vorige bestemmingsplan al de mogelijkheid tot bebouwing die het uitzicht meer zou beperken. De Afdeling achtte de gevolgen voor het woon- en leefklimaat redelijkerwijs aanvaardbaar.
Verder werd het bezwaar dat de provincie niet over het gewijzigde plan was geïnformeerd afgewezen omdat de betreffende wettelijke bepaling niet strekt ter bescherming van de belangen van appellant. Ook het betoog over het westelijk bouwvlak faalde omdat dit bouwvlak niet was gewijzigd in het vastgestelde plan.
De Afdeling concludeerde dat de nadelige gevolgen van het plan niet onevenredig zijn ten opzichte van het doel van een goede ruimtelijke ordening en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan wordt ongegrond verklaard.