ECLI:NL:RVS:2022:2066
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit ongeldigverklaring rijbewijs wegens niet verschijnen EMA-cursus
De appellant werd op 3 augustus 2019 aangehouden met een te hoog ademalcoholgehalte, waarna het CBR hem een Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer (EMA) oplegde. Het CBR verklaarde het rijbewijs ongeldig per 3 augustus 2020 omdat de appellant zonder geldige reden niet was verschenen op de eerste cursusdag. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van de appellant ongegrond.
In hoger beroep betoogde de appellant dat hij in het buitenland verbleef toen de oproep voor de cursus per aangetekende post werd verzonden en dat hij geen afhaalbericht ontving. Het CBR wist dat de brief retour was gekomen, maar heeft de appellant niet tijdig opnieuw uitgenodigd. De Afdeling oordeelde dat het CBR in deze omstandigheden had moeten zorgen voor een nieuwe uitnodiging, mede omdat de appellant de cursuskosten had voldaan en bereid was deel te nemen.
De Afdeling vernietigde daarom het besluit van het CBR en de uitspraak van de rechtbank, herroept het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs en gelast het CBR de appellant opnieuw uit te nodigen voor de EMA-cursus. Daarnaast moet het CBR de proceskosten van de appellant vergoeden.
Het betoog over schending van de hoorplicht faalde omdat de appellant niet op de tweede hoorzitting is verschenen. De Afdeling benadrukte dat het niet verschijnen op de cursus de appellant niet kan worden aangerekend vanwege het ontbreken van een geldige uitnodiging.
Uitkomst: Het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs wordt vernietigd en het CBR moet appellant opnieuw uitnodigen voor de EMA-cursus.