ECLI:NL:RVS:2022:226
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende onderzoek risico's terugkeer Iran
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 10 mei 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelt dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek en beoordeling heeft verricht naar de risico's die afvalligen en atheïsten lopen bij terugkeer naar Iran. Dit oordeel sluit aan bij een eerdere uitspraak van 19 januari 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:93) waarin werd benadrukt dat de staatssecretaris dit beter moet doen.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt het besluit van 10 mei 2021 en de uitspraak van de rechtbank. De staatssecretaris moet de aanvraag opnieuw beoordelen met inachtneming van de actuele feiten en omstandigheden. Daarnaast wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 2.277,00 die door de vreemdeling zijn gemaakt voor rechtsbijstand.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de asielaanvraag wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.