ECLI:NL:RVS:2022:2306
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit verwijderen veranda en verlagen erfafscheiding in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Helmond heeft een last onder dwangsom opgelegd aan de huurder van een woning vanwege het zonder vergunning bouwen van een veranda en het plaatsen van een erfafscheiding die in strijd zijn met het bestemmingsplan '’t Hout'. De huurder stelde bezwaar en beroep in tegen dit handhavingsbesluit.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna de huurder hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling overwoog dat het bestemmingsplan onherroepelijk is en dat de gronden naast het perceel de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' hebben, waardoor de veranda en erfafscheiding niet zijn toegestaan zonder omgevingsvergunning.
De huurder voerde aan dat er concreet zicht op legalisatie zou zijn, dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden, dat handhaving onevenredig was vanwege de kosten en dat het vertrouwensbeginsel was geschonden. De Afdeling verwierp deze beroepen omdat geen aanvraag om omgevingsvergunning was ingediend, de situatie niet vergelijkbaar was met andere percelen, het financiële belang niet opwoog tegen het handhavingsbelang en er geen bewijs was voor toezeggingen van de gemeente.
De Afdeling bevestigde daarmee het handhavingsbesluit en de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit wordt bevestigd.