ECLI:NL:RVS:2022:2454
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestemmingplan Platepolder Heinkenszand fase 1 niet in strijd met goede ruimtelijke ordening
De raad van de gemeente Borsele stelde op 13 januari 2022 het bestemmingsplan 'Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022' en het beeldkwaliteitsplan 'Platepolder Heinkenszand' vast. Het plan voorziet in de bouw van maximaal 94 woningen in de Platepolder, een gebied aan de zuidoostkant van Heinkenszand. Omwonenden, appellanten, maakten bezwaar tegen het plan vanwege mogelijke aantasting van hun woon- en leefklimaat, uitzicht, privacy, geluidhinder, verkeersveiligheid en het ontbreken van borging van het tijdelijke karakter van de bouwweg.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat zij onbevoegd is om kennis te nemen van het beroep tegen het beeldkwaliteitsplan omdat dit een beleidsregel betreft waartegen geen beroep openstaat. Ten aanzien van het bestemmingsplan zelf oordeelt de Afdeling dat de raad voldoende rekening heeft gehouden met de belangen van omwonenden. De toegestane bouwhoogten en afstanden zijn passend, het plan voorziet in groenstroken ter beperking van zicht en privacyverlies, en er is geen sprake van een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat.
Ook de geluidbelasting, inclusief die door bouwverkeer, blijft binnen aanvaardbare grenzen. Het verkeersonderzoek toont aan dat de verkeersafwikkeling goed is en dat de verkeersveiligheid niet in het geding is, mede door geplande herinrichtingen. Het tijdelijke karakter van de bouwweg is niet in het bestemmingsplan geborgd, maar dit is niet onrechtmatig omdat het plan alleen de eerste fase betreft en de ontsluiting voor latere fases nog moet worden vastgesteld.
De bezwaren over overlast tijdens bouwwerkzaamheden betreffen uitvoeringsaspecten die niet in het bestemmingsplan kunnen worden betrokken. Het door appellant voorgestelde alternatief is niet eerder ingebracht bij de raad en is daarom niet relevant. De beroepen worden afgewezen en de raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan wordt ongegrond verklaard en het beroep tegen het beeldkwaliteitsplan is niet-ontvankelijk verklaard.