ECLI:NL:RVS:2022:2502
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielzaak
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 15 juli 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde daartegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 15 augustus 2022 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht zij om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft op 26 augustus 2022 besloten dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist. Tevens is bepaald dat de staatssecretaris de proceskosten van de vreemdeling, ter hoogte van € 759,00, moet vergoeden. Deze kosten betreffen rechtsbijstand die door een derde beroepsmatig is verleend.
De uitspraak is gedaan in het openbaar en onderstreept de bescherming van de vreemdeling tijdens de procedure van hoger beroep in asielzaken, waarbij de voorlopige voorziening een belangrijke waarborg vormt tegen voortijdige uitzetting.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de proceskosten worden vergoed.