ECLI:NL:RVS:2022:2513

Raad van State

Datum uitspraak
30 augustus 2022
Publicatiedatum
30 augustus 2022
Zaaknummer
202200675/2/R2
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • G.T.J.M. Jurgens
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:69a AwbArt. 8:81 AwbArt. 6.13 WroArt. 6.17 WroArt. 6.2.1 Bro
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking exploitatieplan Sint-Michielsgestel

De raad van de gemeente Sint-Michielsgestel heeft op 9 december 2021 het exploitatieplan 'Centrum Sint-Michielsgestel 2010' ingetrokken. Verzoekers, wonend in Sint-Michielsgestel, hebben beroep ingesteld tegen dit besluit en tevens verzocht om een voorlopige voorziening om het besluit te schorsen. Zij stelden dat door de intrekking het kostenverhaal niet langer verzekerd is, terwijl enkele in het exploitatieplan opgenomen projecten nog niet zijn afgerond, waaronder de aanleg van parkeerplaatsen.

De raad voerde aan dat het relativiteitsvereiste aan inhoudelijke beoordeling van het verzoek in de weg staat, omdat verzoekers geen bouwplannen binnen het exploitatiegebied konden realiseren en dus niet rechtstreeks met kostenverhaal geconfronteerd worden. De voorzieningenrechter overwoog dat het relativiteitsvereiste inhoudt dat een beroepsgrond moet strekken tot bescherming van het belang van degene die zich erop beroept.

Verder werd vastgesteld dat verzoekers geen gronden bezitten binnen het exploitatiegebied waarop bouwplannen zijn voorzien volgens het bestemmingsplan, zodat zij niet rechtstreeks met kostenverhaal te maken hebben. Ook de mogelijke gevolgen van een niet toereikend kostenverhaal voor de afronding van openbare voorzieningen worden niet als rechtstreeks gevolg van het besluit aangemerkt.

De voorzieningenrechter concludeerde dat het relativiteitsvereiste een vernietiging van het besluit tot intrekking van het exploitatieplan in de weg staat en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van het exploitatieplan wordt afgewezen wegens het ontbreken van een rechtstreeks belang.

Uitspraak

202200675/2/R2.
Datum uitspraak: 30 augustus 2022
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[verzoeker] en anderen, allen wonend te Sint-Michielsgestel,
verzoekers,
en
de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 9 december 2021 heeft de raad het exploitatieplan "Centrum Sint-Michielsgestel 2010" ingetrokken.
Tegen dit besluit hebben [verzoeker] en anderen beroep ingesteld. Tevens hebben zij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De raad heeft een verweerschrift ingediend.
[verzoeker] en anderen en de raad hebben nadere stukken ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 24 mei 2022, waar [verzoeker] en anderen, vertegenwoordigd door [gemachtigden], en de raad, vertegenwoordigd door mr. A.J.H. Keijsers, zijn verschenen.
Overwegingen
1.       Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
Beoordeling van het verzoek
2.       [verzoeker] en anderen verzoeken bij voorlopige voorziening het bestreden besluit van 9 december 2021 tot intrekking van het exploitatieplan te schorsen. Daartoe voeren zij aan dat door de intrekking het kostenverhaal niet langer is verzekerd, terwijl een aantal in het exploitatieplan opgenomen werken en projecten nog niet zijn afgerond. [verzoeker] en anderen stellen dat door de intrekking van het exploitatieplan de inrichting van het openbaar gebied, waaronder aanleg van parkeerplaatsen, niet kan worden uitgevoerd.
2.1.    De raad is van mening dat het relativiteitsvereiste aan inhoudelijke beoordeling van het verzoek van [verzoeker] en anderen in de weg staat, nu zij binnen het gebied waarop het exploitatieplan van toepassing was geen aangewezen bouwplannen konden realiseren en zij aldus niet geconfronteerd kunnen worden met het kostenverhaal.
2.2.    Artikel 8:69a van de Awb luidt:
"De bestuursrechter vernietigt een besluit niet op de grond dat het in strijd is met een geschreven of ongeschreven rechtsregel of een algemeen rechtsbeginsel, indien deze regel of dit beginsel kennelijk niet strekt tot bescherming van de belangen van degene die zich daarop beroept."
Uit de geschiedenis van de totstandkoming van de Wet aanpassing bestuursprocesrecht (Kamerstukken II, 2009/10, 32 450, nr. 3, blz. 18-20) blijkt dat de wetgever met artikel 8:69a van de Awb de eis heeft willen stellen dat er een verband is tussen een beroepsgrond en het belang waarin de appellant door het bestreden besluit dreigt te worden geschaad. De bestuursrechter mag een besluit niet vernietigen wegens schending van een rechtsregel die kennelijk niet strekt tot bescherming van het belang van degene die in (hoger) beroep komt.
2.3.    In haar overzichtsuitspraak ten aanzien van het relativiteitsvereiste van 11 november 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2706, onder ro. 10.16, heeft de Afdeling overwogen dat artikel 6.13 van de Wro, dat eisen stelt aan de vorm en inhoud van een exploitatieplan, strekt tot bescherming van de belangen van degenen die rechtstreeks met het verhaal van kosten verbonden aan de exploitatie van in het exploitatiegebied opgenomen gronden uit hoofde van een aldaar geldend exploitatieplan te maken kunnen krijgen. Dit artikel strekt daarom tot bescherming van de belangen van appellanten, die gronden in het exploitatiegebied in eigendom hebben waar ingevolge het bestemmingsplan bouwplannen zijn voorzien, waardoor zij kunnen worden geconfronteerd met het verhaal van kosten verbonden aan de exploitatie van hun gronden in het exploitatiegebied uit hoofde van het exploitatieplan.
2.4.    De voorzieningenrechter stelt voorop dat [verzoeker] en anderen geen gronden in het exploitatieplangebied in eigendom hebben waar volgens het vastgestelde bestemmingsplan in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (hierna: Bro) aangewezen bouwplannen zijn voorzien. [verzoeker] en anderen hebben dan ook niet rechtstreeks met het verhaal van de kosten verbonden aan de exploitatie van gronden in het exploitatiegebied uit hoofde van het exploitatieplan te maken. Het thans voorliggende besluit tot intrekking van het exploitatieplan maakt dat niet anders. Voor zover [verzoeker] en anderen hebben aangevoerd dat zij wel met de gevolgen van een niet toereikend kostenverhaal geconfronteerd worden, nu door de intrekking van het exploitatieplan een bekostiging ontbreekt voor de afronding van verschillende in het openbaar gebied voorziene voorzieningen, overweegt de voorzieningenrechter als volgt. De voorzieningenrechter is van oordeel dat zulke gevolgen - nog afgezien van de vraag of daarvan sprake zal zijn - geen rechtstreekse gevolgen zijn van het niet plaatsvinden van een volledig publiekrechtelijk kostenverhaal, zoals bedoeld in artikel 6.17, eerste lid, van de Wro (zie ook de uitspraak van de Afdeling van 26 april 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1211). Gelet op het vorenstaande zal naar verwachting van de voorzieningenrechter in de bodemprocedure worden geoordeeld dat het relativiteitsvereiste in 8:69a van de Awb in de weg staat aan een vernietiging van het bestreden besluit tot intrekking van het exploitatieplan.
Conclusie en proceskosten
3.       Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
4.       De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. G.T.J.M. Jurgens, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. K van Baaren, griffier.
w.g. Jurgens
voorzieningenrechter
w.g. Van Baaren
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 30 augustus 2022
914