ECLI:NL:RVS:2022:2632
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herroeping omzettingsvergunning vanwege nabijheid maatschappelijke voorziening en leefbaarheidsbelang
Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg verleende op 10 februari 2020 een omzettingsvergunning voor een pand in Tilburg, die later op naam van appellant A werd gezet. Bewoners uit de omgeving maakten bezwaar tegen deze vergunning vanwege de nabijheid van een instelling voor jeugdige asielzoekers in twee andere panden op korte afstand. Het college verklaarde het bezwaar gegrond, herroept de vergunning en wees de aanvraag af omdat de panden als maatschappelijke voorziening worden aangemerkt die de leefbaarheid beïnvloedt.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde het beroep van appellant A en B tegen deze herroeping ongegrond. In hoger beroep betoogden zij dat de panden onrechtmatige kamerverhuur betroffen en dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan. Ook voerden zij aan dat het college had moeten afwijken van de beleidsregels vanwege bijzondere omstandigheden, zoals het vertrouwen op een gemeentelijke lijst en het aanvankelijk verlenen van de vergunning.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het college terecht heeft geoordeeld dat het feitelijk aanwezig zijn van kamerverhuur of een maatschappelijke voorziening binnen 50 meter een reden is om de vergunning te weigeren. Het vertrouwen op de gemeentelijke lijst en het aanvankelijk verlenen van de vergunning rechtvaardigen geen afwijking van het beleid. Het belang van leefbaarheid en woningvoorraad weegt zwaar. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herroeping van de omzettingsvergunning bevestigd.