ECLI:NL:RVS:2022:2636
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- B.P. Vermeulen
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gebiedsverbod en meldplicht wegens verstoring openbare orde met illegaal vuurwerk
Op 23 december 2019 werd een bushokje in Utrecht vernield met illegaal zwaar vuurwerk. Appellant werd na een korte achtervolging aangehouden met vuurwerk in zijn bezit en er werd een aanzienlijke hoeveelheid illegaal vuurwerk in zijn woning gevonden. De burgemeester legde op 27 december 2019 een gebiedsverbod en meldplicht op, geldig tot 5 januari 2020, vanwege verstoring van de openbare orde en ernstige vrees voor herhaling.
De rechter-commissaris had de bewaring van appellant geschorst onder voorwaarden waaronder appellant zich moest houden aan aanwijzingen van een jeugdreclasseringsinstelling. De burgemeester handhaafde het gebiedsverbod ondanks bezwaar en de rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat de burgemeester onvoldoende rekening had gehouden met zijn belangen en dat afstemming met het Openbaar Ministerie en rechter-commissaris ontbrak.
De Raad van State oordeelde dat de burgemeester terecht aannam dat appellant betrokken was bij het incident en dat er ernstige vrees voor herhaling bestond. De maatregel was proportioneel en subsidiariteit was in acht genomen, mede gelet op de maatschappelijke context en het gevaar van het gebruikte vuurwerk. De afweging van de burgemeester verschilde van die van de rechter-commissaris en dat was geoorloofd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het gebiedsverbod en meldplicht van de burgemeester worden bevestigd.