ECLI:NL:RVS:2022:2696
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing asielverblijfsvergunning wegens onvoldoende onderbouwing geloofwaardigheid
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 7 juni 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 14 september 2021 het beroep ongegrond verklaarde. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen aanleiding gaf tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De rechtbank had terecht geoordeeld dat het rapport van Buro Kleurkracht, waarin verklaringen van de vreemdeling in culturele context worden geplaatst, een relevante inbreng is bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van het asielmotief seksuele geaardheid. De staatssecretaris hoefde niet nader te motiveren welke gevolgen hij aan dit rapport verbond, aangezien het rapport niet specifiek over de vreemdeling ging.
De vreemdeling had onvoldoende gemotiveerd en onderbouwd welke tegenwerpingen tegen het besluit niet langer gehandhaafd konden worden. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris werd niet verplicht tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.