ECLI:NL:RVS:2022:3225
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit minister over terugbetaling lesgeld wegens onjuiste bekendmaking
Appellant verzocht de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap om terugbetaling van lesgeld over het schooljaar 2018-2019. De minister wees dit verzoek af omdat het te laat was ingediend, na afloop van het schooljaar. Appellant maakte bezwaar, maar dit werd eveneens niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat het besluit niet correct aan zijn gemachtigde, zijn vader, was bekendgemaakt, terwijl deze op het machtigingsformulier had aangegeven post te willen ontvangen. De minister had het besluit digitaal aan appellant zelf verzonden via 'Mijn DUO', maar niet aan de gemachtigde.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de minister verplicht was het besluit aan de gemachtigde te verzenden. Omdat dit niet was gebeurd, was het besluit niet op juiste wijze bekendgemaakt. Hierdoor was het bezwaar tijdig ingediend. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het besluit van de minister vernietigd. De minister moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen en dit correct bekendmaken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de minister vernietigd wegens onjuiste bekendmaking aan de gemachtigde.