ECLI:NL:RVS:2022:3297
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing wijziging peilbesluit Langbroekerwetering voor landgoed Kolland
Het algemeen bestuur van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden stelde op 18 december 2019 het peilbesluit Langbroekerwetering voor landgoed Kolland vast, waarbij hogere waterpeilen werden vastgesteld. [Appellant sub 2], pachter van kavels binnen het Natura 2000-gebied, stelde beroep in tegen dit besluit uit vrees voor vernatting van zijn kavels en mogelijke schade aan gierkelders. De rechtbank Midden-Nederland verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het peilbesluit omdat het bestuur onvoldoende onderzoek had verricht naar de feitelijke gevolgen voor de gierkelders.
Het algemeen bestuur stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak en nam op 6 juli 2022 een herstelbesluit met dezelfde waterpeilen, onderbouwd met nadere onderzoeken en expertises van Sweco en Arcadis. [Appellant sub 2] voerde diverse bezwaren aan, onder meer over de onderbouwing van de hydrologische effecten, de overgang tussen zomer- en winterpeil, en de beheermarge van 5 cm.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank terecht het eerdere peilbesluit had vernietigd vanwege onvoldoende onderzoek naar de gevolgen voor de gierkelders. Het hoger beroep van het algemeen bestuur en het incidenteel hoger beroep van [appellant sub 2] werden ongegrond verklaard. Ten aanzien van het herstelbesluit concludeerde de Afdeling dat de onderliggende onderzoeken en expertises voldoende waren en dat de bezwaren van [appellant sub 2] niet tot vernietiging leidden. De Afdeling bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep tegen het herstelbesluit ongegrond.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vernietiging van het peilbesluit 2019 en verklaart het beroep tegen het herstelbesluit 2022 ongegrond.