ECLI:NL:RVS:2022:3356
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing niet-ontvankelijkheid asielaanvraag en afwijzing voorlopige voorziening
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid verklaarde op 15 juni 2022 de asielaanvraag van de vreemdeling niet-ontvankelijk. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 28 oktober 2022 ongegrond verklaarde. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het hoger beroep niet leidt tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat de inhoud van het tijdschrift dat de vreemdeling bij haar opvolgende aanvraag overlegde reeds was beoordeeld bij de eerste afwijzing en dat de staatssecretaris aan zijn vergewisplicht heeft voldaan. Het hogerberoepschrift bevat geen vragen die het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming dienen.
Daarom wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.