ECLI:NL:RVS:2022:3440
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen buiten behandeling stelling asielaanvragen en inreisverbod
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde bij besluiten van 13 en 15 september 2022 de asielaanvragen van twee vreemdelingen buiten behandeling en legde hen een inreisverbod op. De vreemdelingen maakten hiertegen bezwaar en startten een procedure bij de rechtbank Den Haag, die hun beroepen op 11 oktober 2022 niet-ontvankelijk verklaarde.
De vreemdelingen gingen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het hoger beroep richtte zich op de vraag of het beroep ontvankelijk was, mede gelet op eerdere jurisprudentie over het ontbreken van procesbelang wanneer een vreemdeling met onbekende bestemming is vertrokken.
De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevatte die in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming beantwoord moesten worden. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond verklaard en uitspraak rechtbank bevestigd.