ECLI:NL:RVS:2022:3652
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake niet tijdig besluit verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris had op 13 juli 2022 de aanvraag ingewilligd zonder vaststelling van een bestuurlijke dwangsom.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het besluit van 13 juli 2022 ongegrond. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming beantwoord moeten worden. Het hoger beroep is daarom ongegrond en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door een enkelvoudige kamer met mr. C.J. Borman als lid en mr. W.M. Vos als griffier.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.