ECLI:NL:RVS:2022:3772
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake niet tijdig besluit verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris heeft de aanvraag uiteindelijk op 28 juli 2022 ingewilligd, zonder vaststelling van een bestuurlijke dwangsom.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het besluit van 28 juli 2022 ongegrond. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen aanleiding gaf om de eerdere uitspraak te vernietigen, omdat het betrof een rechtsvraag die reeds eerder was beantwoord in een vergelijkbare zaak. Het hogerberoepschrift bevatte geen nieuwe vragen die van belang waren voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.