ECLI:NL:RVS:2022:3937
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen voorgenomen overdracht vreemdeling na niet-in-behandeling-neming verblijfsvergunning
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 28 oktober 2022 besloten om de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 16 december 2022 ongegrond verklaarde. Vervolgens heeft de vreemdeling hoger beroep ingesteld en tegelijkertijd een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De voorzieningenrechter heeft op 20 december 2022 bij wijze van ordemaatregel bepaald dat de voorgenomen overdracht van de vreemdeling op 21 december 2022 niet zal plaatsvinden, omdat de termijn voor het instellen van hoger beroep nog niet was verstreken. De uitspraak op het resterende deel van het verzoek zal volgen nadat deze termijn is verstreken.
Daarnaast is de staatssecretaris veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van de vreemdeling, een bedrag van €759,00, dat volledig toe te rekenen is aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan in het openbaar door voorzieningenrechter C.C.W. Lange, in aanwezigheid van griffier T.W.A. Weber.
Uitkomst: De voorgenomen overdracht van de vreemdeling op 21 december 2022 wordt opgeschort en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.