ECLI:NL:RVS:2022:3981
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning wegens onvoldoende motivering functiewijziging en geluidhinder
Het college van burgemeester en wethouders van Oegstgeest verleende op 19 april 2018 een omgevingsvergunning aan Holland Property Development B.V. voor de wijziging van het gebruik van een pand van maatschappelijk naar wonen en de realisatie van 10 sociale huurappartementen. Stichting Dorpscentrum Oegstgeest en anderen maakten bezwaar tegen deze vergunning, stellende dat het besluit in strijd was met een goede ruimtelijke ordening.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt anders. De Afdeling stelt vast dat het college onvoldoende onderzoek heeft verricht naar de behoefte aan maatschappelijke voorzieningen en de leegstand van het pand. Hierdoor is het besluit niet zorgvuldig voorbereid en niet deugdelijk gemotiveerd, in strijd met de Algemene wet bestuursrecht.
Daarnaast is het college tekortgeschoten in de motivering omtrent geluidhinder. Het college ging uit van een richtafstand van 10 meter volgens de VNG-handreiking, maar heeft niet voldoende rekening gehouden met de feitelijke en planologische mogelijkheden van het dorpscentrum, noch met het mogelijke gebruik van versterkte muziek. Hierdoor is ook dit onderdeel van het besluit onvoldoende gemotiveerd.
Verder oordeelt de Afdeling dat er geen sprake is van een evidente privaatrechtelijke belemmering die de vergunningverlening in de weg staat, mede omdat hierover een civielrechtelijke procedure loopt. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het besluit van 9 april 2019 vernietigd. Het college wordt opgedragen binnen 26 weken een nieuw besluit op bezwaar te nemen, waarbij rekening moet worden gehouden met deze uitspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning is vernietigd vanwege onvoldoende motivering en onderzoek.