ECLI:NL:RVS:2022:51
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en toekenning opvang aan vreemdeling
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid buiten behandeling was gesteld bij besluit van 30 november 2021. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen dit besluit ongegrond op 4 januari 2022. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft op 10 januari 2022 geoordeeld dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €759,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Deze voorlopige voorziening is gebaseerd op de belangenafweging en eerdere jurisprudentie van de Raad van State. De uitspraak beschermt de vreemdeling tegen voortijdige uitzetting en waarborgt zijn toegang tot opvang en verstrekkingen gedurende de procedure.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.