ECLI:NL:RVS:2022:567
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder bestuursdwang voor motor in verwaarloosde staat
Het college van burgemeester en wethouders van Breda legde aan appellant een last onder bestuursdwang op omdat diens motor op de openbare weg stond geparkeerd zonder zadel, met twee platte banden en zonder accu, waardoor deze rijtechnisch in onvoldoende staat van onderhoud en kennelijk verwaarloosd was. Appellant werd verplicht de motor binnen vijf dagen te verwijderen, bij niet-naleving zou het college de motor verwijderen en opslaan.
De motor werd op 6 januari 2020 verwijderd en naar een depot gebracht. Appellant haalde de motor niet op vanwege gebrek aan middelen, waarna de motor werd vernietigd. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het handhavend optreden ongegrond. Appellant voerde aan dat de motor eenvoudig rijklaar te maken was en dat het college onzorgvuldig had gehandeld en onvoldoende had gemotiveerd.
De Raad van State oordeelde dat het college in redelijkheid de motor als voertuigwrak mocht aanmerken en bevoegd was tot handhaving. Essentiële onderdelen ontbraken, waardoor de motor niet rijtechnisch in orde was. Er waren geen bijzondere omstandigheden die handhavend optreden in de weg stonden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last onder bestuursdwang wordt bevestigd.