ECLI:NL:RVS:2022:598
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugkeerbesluit en intrekking inreisverbod vreemdeling zonder overlegprocedure
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten, een inreisverbod tegen haar uitgevaardigd en haar in bewaring gesteld. De vreemdeling, met de Colombiaanse nationaliteit, verbleef bij haar Nederlandse partner en had een verblijfsrecht in Spanje. Na terugkeer uit Spanje naar Nederland werd een terugkeerbesluit genomen en een inreisverbod uitgevaardigd.
De vreemdeling stelde dat het inreisverbod onrechtmatig was omdat de staatssecretaris nagelaten had een overlegprocedure te starten met de lidstaat die het verblijfsrecht had toegekend, zoals vereist door artikel 25, tweede lid, van de SUO en het arrest E van het Hof van Justitie. De staatssecretaris trok daarop het inreisverbod in, waarna de vreemdeling het hoger beroep tegen het inreisverbod introk maar betoogde dat ook het terugkeerbesluit onrechtmatig was vanwege het ontbreken van overleg.
De Raad van State oordeelde dat de overlegprocedure niet verplicht is bij een terugkeerbesluit zonder inreisverbod, omdat dit besluit geen signalering inhoudt met als doel weigering van toegang of verblijf. Het terugkeerbesluit is gericht op het beëindigen van het illegale verblijf en staat los van het inreisverbod. De vreemdeling moet eerst terugkeren naar Colombia of een ander land buiten de EU alvorens naar Spanje te reizen. Het hoger beroep faalt en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit bevestigd zonder verplichting tot overlegprocedure.