ECLI:NL:RVS:2022:719
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering geloofwaardigheidsbeoordeling
De vreemdeling uit Pakistan heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, gebaseerd op zijn bewering dat hij elf jaar geleden is bekeerd van het soennisme naar het sjiisme, wat tot problemen in Pakistan en Saudi-Arabië zou hebben geleid. De staatssecretaris heeft deze aanvraag op 4 februari 2020 afgewezen, waarbij hij het standpunt innam dat de bekering niet geloofwaardig was. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
In hoger beroep stelt de vreemdeling dat de staatssecretaris ten onrechte is voorbijgegaan aan de door hem overgelegde stukken ter onderbouwing van zijn bekering en dat de motivering van de geloofwaardigheidsbeoordeling onvoldoende is. De Afdeling bestuursrechtspraak verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is bepaald dat de staatssecretaris kenbaar moet maken hoe hij de verklaringen van derden heeft betrokken in zijn integrale beoordeling en dat een enkele verwijzing naar ontoereikende verklaringen onvoldoende is.
De vreemdeling heeft diverse documenten overgelegd, waaronder originele verklaringen van de Shia Uluma Council, een advertentie van een sjiitische bijeenkomst, een medisch rapport en een aangifteformulier. De staatssecretaris heeft deze stukken echter niet afzonderlijk gemotiveerd betrokken bij zijn oordeel, wat de rechtbank niet heeft onderkend. De Afdeling oordeelt dat dit een onvoldoende motivering is en vernietigt het besluit en de uitspraak van de rechtbank.
De staatssecretaris wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen waarbij een integrale geloofwaardigheidsbeoordeling wordt verricht, inclusief een duidelijke motivering van de betrokkenheid van de overgelegde stukken. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe beoordeling met een deugdelijke motivering.