ECLI:NL:RVS:2022:985
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel voor lhbti-vreemdelingen uit Georgië
De zaak betreft het hoger beroep van twee Georgische vreemdelingen tegen de afwijzing van hun asielaanvragen door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De staatssecretaris had hun aanvragen afgewezen op grond van Georgië als veilig land van herkomst, met een aantekening van 'verhoogde aandacht' voor lhbti's. Hoewel erkend werd dat de vreemdelingen problemen ondervonden vanwege hun seksuele geaardheid, vond de staatssecretaris dat zij niet aannemelijk hadden gemaakt dat zij geen bescherming konden krijgen van Georgische autoriteiten.
De vreemdelingen stelden dat de staatssecretaris onvoldoende rekening hield met de beschermingsmogelijkheden voor lhbti's en dat het begrip 'verhoogde aandacht' een zwaarder beoordelingskader zou moeten betekenen. De staatssecretaris gaf uiteenlopende toelichtingen over de betekenis van 'verhoogde aandacht', wat leidde tot onduidelijkheid in de rechtspraktijk.
De Raad van State oordeelde dat onvoldoende duidelijk is welke betekenis en gevolgen het begrip 'verhoogde aandacht' heeft voor de beoordeling van asielaanvragen. De rechtbank had dit ten onrechte anders beoordeeld. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en de besluiten van de staatssecretaris, en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten. De staatssecretaris moet nu duidelijkheid scheppen over het begrip en de beoordeling van asielaanvragen van lhbti-vreemdelingen uit Georgië.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en de besluiten tot afwijzing van de asielaanvragen zijn vernietigd.