ECLI:NL:RVS:2023:1190
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over niet tijdig besluit verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het niet tijdig genomen besluit, en legde een dwangsom op aan de staatssecretaris met een termijn van zestien weken om alsnog een besluit te nemen.
De vreemdeling ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevatte die beantwoording behoefden in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming. Bovendien was de staatssecretaris inmiddels tegemoetgekomen aan de aanvraag door een besluit te nemen.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenvergoeding aan de vreemdeling toegekend. Omdat de vreemdeling zich niet tegen het genomen besluit heeft verzet, is er geen aanleiding voor verdere behandeling van een beroep.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.