ECLI:NL:RVS:2023:1803
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing niet in behandeling nemen asielaanvraag vanwege Dublinverordening
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam op 21 februari 2023 een besluit om de asielaanvraag van de vreemdeling niet in behandeling te nemen, omdat Italië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling. De vreemdeling stelde beroep in tegen dit besluit, en de rechtbank verklaarde dit beroep gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de staatssecretaris binnen zes weken een nieuw besluit moest nemen.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. Hij beriep zich op een circulaire van de Italiaanse autoriteiten die een tijdelijk overdrachtsbeletsel vormde, waardoor het besluit niet onrechtmatig zou zijn. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde echter dat er op basis van eerdere uitspraken en berichtgeving een reëel risico bestaat dat vreemdelingen bij overdracht aan Italië in een situatie van ernstige materiële deprivatie terechtkomen, waardoor het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt.
De Raad van State concludeerde dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd dat Italië nog aan zijn internationale verplichtingen zou voldoen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.