ECLI:NL:RVS:2023:1878
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake bewaring vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 7 april 2023 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 25 april 2023 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het hogerberoepschrift bevatte geen grieven die het oordeel van de rechtbank konden ondermijnen of die relevant waren voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming.
De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep ongegrond is en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. De staatssecretaris is niet verplicht proceskosten te vergoeden. Hiermee blijft de bewaring van de vreemdeling gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.