ECLI:NL:RVS:2023:1896
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- D.A. Verburg
- M. Soffers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling na asielaanvraag
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid legde op 7 oktober 2022 een vrijheidsontnemende maatregel op aan de vreemdeling na diens asielaanvraag. Het aanmeldgehoor vond plaats op 10 oktober 2022 en de maatregel werd op 11 oktober 2022 opgeheven. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze maatregel ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze oordeelde dat het aanmeldgehoor niet onredelijk laat was en dat de staatssecretaris de maatregel niet te lang had laten voortduren. De Afdeling benadrukte dat de rechtbank zich terecht niet had gemengd in de inhoudelijke behandeling van het asielverzoek.
Het hoger beroep bevatte geen vragen die van belang waren voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin, zodat het oordeel van de rechtbank niet verder hoefde te worden gemotiveerd. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.