ECLI:NL:RVS:2023:2130
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel na hoger beroep
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 20 maart 2023 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 28 april 2023 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep beoordeeld en geoordeeld dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel is gekomen. De motivering van de rechtbank wordt overgenomen en het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van het vonnis. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het hoger beroep ongegrond is.
De staatssecretaris is niet verplicht proceskosten te vergoeden. De uitspraak bevestigt daarmee de afwijzing van de verblijfsvergunning en sluit het hoger beroep af zonder verdere motivering, omdat er geen vragen zijn die de rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin betreffen.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.