ECLI:NL:RVS:2023:2159
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Raad van State bij hoger beroep tegen schadevergoeding vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling bij besluit van 21 februari 2023 in bewaring. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 10 maart 2023 het beroep gegrond verklaarde en schadevergoeding toekende.
De vreemdeling ging tegen deze uitspraak in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde echter dat zij niet bevoegd is om kennis te nemen van het hoger beroep, omdat het hoger beroep alleen betrekking heeft op een verzoek om schadevergoeding volgens artikel 106 van Pro de Vreemdelingenwet 2000.
De Afdeling benadrukte dat artikel 84 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 het hoger beroep tegen een uitspraak over schadevergoeding uitsluit, ook al stond ten onrechte vermeld dat hoger beroep mogelijk was. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd op 5 juni 2023 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: De Raad van State verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het hoger beroep tegen de uitspraak over schadevergoeding.