ECLI:NL:RVS:2023:2207
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen omgevingsvergunning voor kappen en verplanten platanen in Rotterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam verleende op 30 juli 2020 een omgevingsvergunning voor het kappen van zes platanen en het verplanten van één plataan aan het Delftseplein in Rotterdam in verband met het bouwrijp maken van het project 'Tree House'. De vergunning werd aangevochten door wederpartijen en Stichting de Bomenridders, die stelden dat de platanen monumentale bomen zijn en dat de vergunning onrechtmatig was.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 2 februari 2021 en herroept het besluit van 30 juli 2020. Volgens de rechtbank zijn de zes platanen monumentale bomen zoals geïdentificeerd in de Bomenstructuurvisie, en geldt dat het college de vergunning niet had mogen verlenen. Ook het verplanten van de zevende plataan werd als gelijkgesteld aan vellen beschouwd en onrechtmatig bevonden.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college geen procesbelang meer heeft omdat het geen gebruik zal maken van de vergunning. De Afdeling wees het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.