ECLI:NL:RVS:2023:2367
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielzaak
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 3 september 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 23 mei 2023 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist. Tevens werd bepaald dat de vreemdeling recht heeft op opvang en verstrekkingen gedurende deze periode. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 837,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan op 20 juni 2023 door voorzieningenrechter J.M. Willems, in aanwezigheid van griffier L.W. Lagaaij LLM. Hiermee wordt de vreemdeling voorlopig beschermd tegen uitzetting terwijl het hoger beroep loopt.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.