ECLI:NL:RVS:2023:2386
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid aanvraag verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid verklaarde bij besluit van 29 maart 2023 de aanvraag van de vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 1 juni 2023 het beroep ongegrond verklaarde.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelde dat het hoger beroep geen gronden bevatte die beantwoording behoefden in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming, zodat het hoger beroep ongegrond werd verklaard.
Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank werd bevestigd. De staatssecretaris werd niet veroordeeld tot het betalen van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter H.J.M. Baldinger op 20 juni 2023.
Uitkomst: Het hoger beroep en het verzoek om voorlopige voorziening worden afgewezen en de niet-ontvankelijkverklaring van de aanvraag verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd.