ECLI:NL:RVS:2023:241
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 23 december 2021 de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van de vreemdeling ingetrokken. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, welke op 1 november 2022 het beroep ongegrond heeft verklaard. De vreemdeling is vervolgens in hoger beroep gegaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en heeft tegelijkertijd een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening te treffen.
Het verzoek hield in dat de vreemdeling niet zou worden uitgezet voordat op het hoger beroep was beslist en dat hij opvang en verstrekkingen zou ontvangen. De voorzieningenrechter heeft de belangen van zowel de staatssecretaris als de vreemdeling afgewogen en geoordeeld dat er geen aanleiding is om een voorlopige voorziening te treffen.
Daarom is het verzoek afgewezen en hoeft de staatssecretaris geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter A.W.M. Bijloos op 23 januari 2023 in aanwezigheid van griffier S. Duyster.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de intrekking van de verblijfsvergunning asiel is afgewezen.